Aboutaleb groter dan Rotterdam

Door:

De ster van Ahmed Aboutaleb schijnt tot in het buitenland. In de nasleep van de terroristische aanslag in Parijs heeft de Rotterdamse burgemeester zich geprofileerd met ferme uitspraken en als  “woedende moslim”. Vele reacties volgden. Boris Johnson, burgemeester van Londen, noemde Aboutaleb maandag in zijn column in The Telegraph “zijn held”. Ondertussen is Aboutaleb door het vakblad Binnenlands Bestuur genomineerd voor de titel van beste lokale bestuurder 2014 en wordt hij in diverse media getipt als toekomstig premier. Toch is niet iedereen het met hem eens. Een greep uit de reacties.

“We hoeven het niet altijd met elkaar eens te zijn, maar we moeten wel goed luisteren naar elkaar. Dan ontstaat er vertrouwen en kunnen we samenwerken.” Dit zijn de woorden van Ahmed Aboutaleb, uitgesproken tijdens de traditionele nieuwjaarsbijeenkomst op het stadhuis in Rotterdam. Twee dagen later  is hij in Nieuwsuur minder genuanceerd: “Als je het niet ziet zitten dat humoristen een krantje maken, ja… mag ik het zo zeggen: rot toch op!”. Het is Aboutaleb ten voeten uit: gepassioneerd en direct. Volgens burgemeester Johnson uit Londen ligt het ferme optreden van Aboutaleb in lijn met het verlichtingsdenken van de Franse filosoof Voltaire. Het zijn echter voornamelijk de verbindende woorden waarmee Aboutaleb hoge ogen gooit.

Waar Aboutaleb eind vorig jaar nog kritiek kreeg op zijn oproep aan moslims om zich te distantiëren van radicalisme en IS, krijgt hij nu lof voor zijn optreden tijdens de protestmanifestatie op Plein 1940 in Rotterdam, afgelopen donderdag. Nourdin El Ouali van de islamitische politieke partij NIDA sprak van een burgemeester die staat voor een ‘wij-samenleving’.

Het optreden van Aboutaleb op Plein 1940 werd door Jean-Pierre Geelen, columnist voor De Volkskrant, vergeleken met de gloedvolle toespraak van zijn toenmalig collega Job Cohen in Amsterdam, na de moord op Theo van Gogh. Ton Planken, oud parlementair redacteur, noemt Aboutaleb en Lodewijk Asscher een droomduo en  stelt dat Aboutaleb mensen raakt op een manier zoals niemand dat sinds ‘Ome’ Joop den Uyl’ heeft gedaan. In NRC Handelsblad sprak René Moerland van Aboutaleb’s ‘Ich bin ein Berliner-moment’ en volgens Trouw wordt Aboutaleb zelfs steeds vaker genoemd als toekomstig premier.

Toch oogst Aboutaleb niet alleen lof. Volkskrant columniste Aaf Brandt Corstius beargumenteert dat Abutaleb’s ‘rot op boodschap’ onbedoeld een averechts effect sorteert en olie op het vuur gooit van radicale Moslims. Volgens Bram van Ooijk, fractievoorzitter van GroenLinks in de Tweede Kamer, zou Aboutaleb met zijn houding jihadi’s naar Syrië jagen en eerder al schreef de Rotterdamse Moslimkrant dat Aboutaleb de ‘taal van Wilders’ is gaan spreken. In België kon Aboutalebs optreden in Nieuwsuur rekenen op bijval van Antwerpse burgemeester Bart De Wever, niet een politicus die bekend staat als islamvriendelijk.